De kloof tussen persoonlijke vaardigheden en jobvereisten is te groot

Pepijn Kennis is als parlementslid voor Agora Brussels de vertegenwoordiger van de Brusselse Burgerassemblee (BBA). Hij buigt zich over de voorstellen en doelstellingen die de BBA formuleerde over werkgelegenheid en tewerkstelling en geeft op die manier burgers een stem in het Brussels Parlement. Via parlementaire vragen kan Pepijn ministers en hun beslissingen kritisch controleren. De vragen en antwoorden in de commissie dienen om na te gaan of de eisen van de Brusselse Burgerassemblee voldoende gehoor krijgen bij de regering. Door Brusselaars via de Assemblee actief te betrekken bij politieke beslissingen, tonen we dat een democratie ook inclusief, deliberatief en participatief kan zijn!

Veel jobs maar te weinig kwalificaties?

Brusselse werkgevers zoeken steeds vaker naar hoger opgeleide werknemers. Momenteel zijn er 90.000 Brusselaars die werk zoeken, terwijl er zeker geen tekort is aan jobaanbiedingen. Er is dus een groeiende nood aan opleidingen om de lager gekwalificeerde werknemers onder hen van de nodige kennis en ervaring te voorzien. Werk moet immers toegankelijk en openbaar zijn, dat was ook één van de doelstellingen van de BBA. Mensen die zich in toegankelijke jobs bevinden kunnen zo hun vaardigheden bijschaven en doorstromen naar andere jobs. De vrije banen kunnen naar andere laaggekwalificeerde werknemers gaan, zo hebben zij ook de kans om te werken en te groeien. Bedrijven spelen hier een belangrijke rol!

Daarom vraagt de Brusselse Burgerassemblee om ondernemingen aan te moedigen om meer in te zetten op opleidingen van lager opgeleide werknemers binnen het bedrijf. Agora vroeg zich dus af: Wat wordt er momenteel gedaan om bedrijven aan te moedigen om meer laaggekwalificeerde werknemers op te leiden? Als antwoord op de parlementaire vraag gaf Minister Bernard Clerfayt (Défi) ons wat meer uitleg over de huidige situatie en initiatieven. Mevrouw Clémentine Barzin (MR) sloot zich aan bij het debat.

De Brusselse arbeidsmarkt is een paradox: een stand van zaken

Clerfayt bevestigt dat er inderdaad een probleem is, ze hebben het over een paradox. De Brusselse arbeidsmarkt is zeer veeleisend als het gaat om vaardigheden en kwalificaties, terwijl er bij Actiris gemiddeld meer mensen ingeschreven zijn met lage kwalificaties. De gevraagde kwalificaties veranderen natuurlijk ook doorheen de tijd, denk maar aan digitale vaardigheden zoals leren omgaan met nieuwe computerprogramma’s. Werknemers bijscholen is dus noodzakelijk om hen beter voor te bereiden op nieuwe uitdagingen. Dat is positief voor de hele arbeidsmarkt omdat die nieuwe vaardigheden ook in andere jobs belangrijk zijn. Zo kunnen mensen verder bouwen op de kennis die ze al opdeden in hun professionele carrière. De bevoegdheden hiervoor vallen bij de federale regering. Die nam een reeks van beslissingen zonder de Brusselse Regering te raadplegen, dat is natuurlijk jammer.

Er ligt vandaag wel een belangrijk voorstel op tafel bij de federale regering. Vroeger waren ondernemingen verplicht om 3% van hun loonmassa te investeren in opleidingen voor hun werknemers, maar daar zou nu verandering in komen. Dat geld ging immers het vaakste naar manager opleidingen, waardoor lager gekwalificeerde mensen niet de kans kregen om bij te leren. De nieuwe regeling zou bedrijven verplichten om voortaan 3% van de loonmassa van elke werknemer te investeren in opleidingen, dat komt neer op minimum 5 dagen opleiding per jaar per werknemer.

We springen nog niet op de kar, maar die gaat wel in de juiste richting

Omdat de Brusselse Burgerassemblee wil inzetten op meer steun voor laaggekwalificeerde werknemers, is deze nieuwe regeling een stap in de juiste richting volgens Agora. Toch kan het nog iets specifieker. Omdat de laagst gekwalificeerde werknemers de meeste ondersteuning nodig hebben, stelt de BBA voor om aan positieve discriminatie te doen. Agora kan dus concreet voorstellen om de 3% van de loonsom, die vroeger vooral naar de opleiding van managers ging, nu te investeren in de laagst gekwalificeerde personen. Zo kunnen we de schade die de voorgaande regeling aanbracht zo snel mogelijk omkeren.

De Brusselse Regering haalde ook een reeks van mechanismen aan die werkzoekenden moeten helpen. Zoals bijvoorbeeld een opleidingsstimulans via de Activa programma's, individuele beroepsopleidingen in bedrijven via de VDAB of Bruxelles Formation, onderdompelingscursussen en meer. Momenteel zijn de resultaten van deze mechanismen nog niet zichtbaar. De kloof tussen de kwalificaties van de werkzoekenden en de beschikbare banen is nog steeds groot. Minister Clerfayt liet wel weten dat een evaluatie van de mechanismen dit jaar op de agenda staat. Agora is dan ook benieuwd naar de resultaten hiervan.

De BBA hamert erop dat de laagst gekwalificeerde personen best voorrang krijgen op hoger opgeleide personen voor toegang tot opleidingen. De nieuwe regeling die bedrijven verplicht om elke werknemer op te leiden ziet Agora als het begin van sterker juridisch kader. Dat zal ongetwijfeld meer steun bieden aan laagopgeleide werknemers. Toch is het nog even afwachten hoe deze inspanningen zich zullen vertalen naar de praktijk. We houden de resultaten van al deze initiatieven nauwlettend in het oog.


Discussie in de commissie




Verslag van de vergadering


Vergadering van woensdag 9 februari 2022